Pagina's

vrijdag 25 juli 2014

Leve de hokjesgeest

Ik denk graag in hokjes. En ik ben heel rechtlijnig. Zo heb ik de maatschappij keurig opgedeeld in bedrijven, overheden en organisaties ten behoeve van het algemeen nut.

Bedrijven verdienen geld. Dat is waartoe zij op aarde zijn. Verdienen zij het niet dan gaan zij failliet. Het geld is hun middel en hun recht van bestaan. En passant maken zij soms aardige produkten, bakken zij ons brood, betalen zij ons loon uit en sponsoren zij een wielerploeg maar daar gaat het allemaal niet om. Aan het einde van de maand moet de teller in de plus staan, anders einde bedrijf.

Overheden faciliteren en ondersteunen waar nodig. Ze halen geld op uit de samenleving om dat te doen. Als ze geld nodig hebben zeggen ze hier met dat geld en verhogen een belasting of verzinnen een nieuwe. Van dat geld leggen ze wegen aan, geven ze onderwijs en hangen ze bloembakken op het dorpsplein. Verder ondersteunen ze mensen en organisaties die dat nodig hebben, waarbij de mate waarin afhangt van de kleur van het kabinet en de gemeenteraad.

Dan heb je nog instellingen voor het algemeen nut. Die doen goede dingen. Vaak zijn dat stichtingen zonder winstoogmerk. Ze helpen drugsverslaafden, geven arme mensen te eten, maken zieke kinderen aan het lachen of bevorderen de Volkskracht. Het geld komt grotendeels uit giften van particulieren en bedrijven en uit subsidies van de overheid en soms van bijdragen van diegenen die de weldaad ontvangen, bijvoorbeeld in de vorm van huurpenningen.

Geld verdienen, faciliteren en ondersteunen, goede dingen doen. Een heldere taakverdeling zou je zeggen, met de bevoegdheden keurig gescheiden.
Jammer genoeg ziet niet iedereen het nut, ik zeg zelfs de noodzaak, van deze scheiding in.
De afgelopen decennia vervaagden de grenzen. Bedrijven moesten Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Ambtenaren moesten ondernemend zijn. Stichtingen moesten bedrijfsmatig werken. De gevolgen zijn desastreus.

Bedrijven profileren zich door gangen en persberichten te behangen met bewijzen van maatschappelijke verantwoordelijkheid en duurzaamheid. Ondertussen gaan ze gewoon hun goddelijke gang, maar dan ondergronds. Hun maatschappelijke verantwoordelijkheid en duurzaamheid zijn marketingtools en zolang het meer klanten oplevert geven ze er af en toe een snipper aan uit. Dat kan niet anders. Anders gaan ze failliet. Het is een kapitalistische wereld mensen. Als je aan het eind van de maand rood staat ben je af.

Overheden worden geconfronteerd met al te ondernemende ambtenaren. Targets en de eigen carrière zijn belangrijker dan de burger. Prestigeprojecten als Culturele Hoofdstad mogen tientallen miljoenen kosten terwijl bibliotheken, muziekscholen en zwembaden onder vuur lagen. En meermaals kreeg de gemeente Utrecht, bijvoorbeeld, te maken met ondernemende, o nee frauderende, ambtenaren bij Stadswerken en Onroerend Goed.
Andersom gingen typische overheidstaken naar bedrijven. Verzekeringsbedrijven sporen zorgfraude op en mogen daartoe uw medisch dossier inzien. Bewakingsbedrijven beheren opgesloten asielzoekers.

Stichtingen verloren hun doel uit het oog en werden, bijvoorbeeld, ondernemingen die met derivaten speculeerden en oude schepen opknapten in plaats van huizen te bouwen. De Stichting Zuwe Hofpoortziekenhuis is een bedrijf geworden, met bedrijfsgeheimen.

Ik zeg: terug in je hok. Allemaal. Er zijn politieke partijen die dat ook vinden, er zijn politieke partijen die dat niet vinden en er is een politieke partij die het niet snapt. Dat is de PvdA. De PvdA, die nu al tientallen jaren van harte meewerkt aan de vervaging van de grenzen, beklaagt zich iedere keer weer huilend over de gevolgen. Het gaat door tot de dag van vandaag, nu de gemeente Utrecht, precies volgens de opdracht van de PvdA - lid van het net teruggetreden college - de 'sociale buurttteams' heeft aanbesteed. Jánk
(Dat krijg je er nu van als je denkt dat bedrijven op aarde zijn opdat mensen gelukkig en actief zijn, zoals een locale PvdA penningmeester mij gisteren nog wist te melden.)

Ik kan wel tegen een andere mening en erger mij zelden aan de VVD. Ik kan niet tegen stompzinnigheid, en vooral niet als die stompzinnigheid regeert en vervolgens in tranen uitbarst over de ongelukken die ze zelf veroorzaakt. Nee PvdA, het ligt niet aan bedrijven die zich niet netjes gedragen. Het ligt aan het feit dat het bedrijven zijn. PvdA, ga eens nadenken over waartoe je op aarde bent, over waartoe de overheid op aarde is, over wat je in haar handen moet leggen. Terug in het studeerhok. En hou op met dat gejank of je krijgt een draai om je oren.

maandag 30 juni 2014

KLM en andere berichten uit Horkenland

De tweet: Adios Amigos, de foto ‘Departures’ met daarop een archetypisch Mexicaans mannetje. Zo meende de servicedesk van de KLM de overwinning van het Nederlands elftal op de Mexicanen te moeten vieren.

Mexicanen werden woedend. Flauw. Mexicanen kunnen niet tegen een grapje. Amerikanen werden woedend. Engelsen werden woedend. Een Italiaanse werd woedend. Het werd allengs duidelijker: op de hele wereld kunnen alleen Nederlanders tegen een grapje.
We hebben recent meer soortgelijke incidenten gehad. Terwijl Nederland over de grond rolt van het lachen haalt de wereld zijn wenkbrauwen op. Dat ligt natuurlijk aan de wereld maar we passen ons dan in jezusnaam maar aan. De KLM verwijdert de tweet. Het was echt gewoon een grapje, maar er kwamen teveel reacties op.

Ik wou het hoofdstuk ‘racisme’ maar overslaan, dat is al eerder uitgebreid geschreven door anderen en het heeft niet geholpen. Ik wou het eens ouderwets over manieren hebben.
Wanneer jullie, jongens en meisjes van de twitterbalie van de KLM, zitten te twitteren, dan spreken jullie namens KLM tot de wereld. Het account @KLM zegt het zelf: Official Global Account. Jullie zijn daar niet onder je vriendjes. Elke seconde die jullie daar doorbrengen zijn jullie op aarde om je te bekommeren om het welzijn van de klanten van de KLM. Jullie staan niet op het podium, jullie zitten aan de servicebalie. Wij zijn de klanten, niet het publiek. Wij verwachten een professionele dienstverlenende houding. Wij betalen niet voor studentikoze ongein. Botte ongein bovendien, die namens de KLM zegt: fuck de klanten, ik zit hier voor mijn lol. Zo wordt ongein een gekwalificeerde belediging. Wat jullie volledig missen is dat precies die context zo kwaad maakt. Zoals een Mexicaan zei: wanneer een willekeurige privépersoon zoiets zegt is dat iets heel anders. Van de Royal Dutch Airlines pik ik dit niet.
Dan, beste jongens en meisjes van de twitterbalie, is er nog de stelregel voor de omgang met de verliezende tegenstander. Ook daar kunnen we een overtreding noteren. Een waardige winnaar laat de verliezende tegenstander op waardige wijze de arena verlaten. Ook dit is een element dat aan jullie botte hersens schijnt te ontsnappen. Bestudeer de reactie van de Mexicaanse vliegmaatschappij maar eens. Deze is heel leerzaam als je iets wilt weten over wat dat is, waardigheid. Of kijk eens een wedstrijdje snooker op de BBC.

Jammer genoeg weten wij in Nederland al niet beter. Horkerig gedrag komen wij als klanten in Nederland overal tegen. De bijbeunende student die onder het vakkenvullen luidkeels de details van zijn stapavond deelt met de collega's die zich binnen schreeuwafstand bevinden. De servicedeskmedewerker van de Hema die, gehuld in een modieuze afzakbroek, een onsmakelijk uitzicht biedt wanneer hij zich omdraait en bukt om iets uit de la te halen. De ojee-ober die een glas wijn over een klant uitgiet en naar de keuken draaft om terug te komen met de smerigste dweil die je ooit hebt geroken. De baliemedewerker van een bank die bij een klacht over zijn geklep met collega's riposteert: “U moet maar denken mevrouw, u staat hier 20 minuten, ik sta hier de hele dag.” (Ook dat was een grapje, uiteraard.)

Dankzij de Royal Dutch Airlines is onze reputatie als onbeschofte brokken ongeleide hilariteit met een korte broek gewoon weer eens bevestigd. Wat dat betreft is er niets aan de hand. Maar als men voortaan in het buitenland vraagt of wij uit Duitsland komen zeg ik gewoon ja.

dinsdag 22 april 2014

Het is hier verdomme Sing Sing niet

Mantelzorgboete. Driehonderd euro van je AOW af als je bij je kinderen gaat wonen. Maar wat heet bij je kinderen wonen?
Een vriend van ons kocht jaren geleden een huis op het platteland, samen met zijn moeder. De garage (met vliering) werd verbouwd tot een zelfstandige wooneenheid. Woonkamer, keuken, badkamer, slaapkamer en eigen voordeur. Ze zagen geen reden om de binnendeur dicht te metselen, maar ieder leidde zijn/haar eigen leven. Moeder paste weleens op de hond, zoon zorgde dat het autootje rijklaar was. Ze aten apart, uitzonderingen daargelaten. En ze klopten, voor ze de binnendeur doorgingen.

Gaat er nu binnenkort 300 euro van moeders AOW af? Ik zou zeggen van niet, maar niemand schijnt het te weten. Ik zou zeggen dat beiden een zelfstandige woning hebben en een zelfstandige huishouding voeren. Als je dit als één huishouding ziet en moeder derhalve 300 euro kort op haar AOW moeten ze dan voortaan dus maar dezelfde krant lezen, het telefoonnummer delen, samen tv kijken? Ja, dat zal wel moeten, want geld voor een afzonderlijke huishouding heeft moeder niet meer. Is dat de bedoeling?

Stel dat het goed gaat. Stel dat de voordeuren worden geaccepteerd voor wat ze zijn: twee aparte voordeuren met twee aparte levens erachter. Steunend en kreunend wordt het gedoogd. Maar er ontstaat een probleempje in de loop der jaren. Moeder gaat dementeren. Of breekt een heup. Of is wegens algeheel gevorderde leeftijd in het algemeen eigenlijk niet meer in staat om een zelfstandige huishouding te voeren. En zoon moet meer en meer inspringen. En stel de AOW komt daar achter. Door een onaangekondigd huisbezoek misschien. Of doordat zoon zich genoodzaakt ziet extra hulp in te schakelen. Kan niet natuurlijk. Je zult met man en macht iedereen buiten de deur moeten zien te houden want anders gaat het heul veul geld kosten. Dat weet de overheid ook wel, dus er zal gecontroleerd worden. Jaarlijks? Maandelijks? Wat staat ze te wachten? Klingeling ik kom even de was controleren & wat doen die onderbroeken daar bij mekaar in de trommel, mag ik even zien wat u eet & wat doen die aardappelen bij mekaar in de pan, en by the way heeft u nog wel twee omroepgidsen?

Stel je moeder woont niet naast je maar er zit een huis tussen. Maar jij slaapt daar 's-nachts, om en om met je broers en zussen, omdat moeder niet meer alleen kan zijn. Of ze eet elke dag bij jou, omdat ze het anders vergeet.
Voert deze moeder wel een eigen huishouding? Waarom dan? Omdat er een huis tussen zit? Of ook dan niet? En als moeder om de hoek woont? In de volgende straat dan? En mag je dan haar was doen? Hoe vaak mag ze komen eten? Mag er wel iemand slapen? Zo ja hoe vaak? Waar ligt de grens? En hoe controleren we dat? Met nachtelijke invallen? Met camera's op de waslijn?

En dan nog eens wat. Stel dat je geen geld hebt om een vleugel te verbouwen, of zelfs een bungalow in de tuin te zetten, een huisnummer aan te vragen, en al die dingen die mensen met een beetje geld nog kunnen bedenken om de dans misschien te ontspringen. Wat als je maar gewoon een rijtjeshuis hebt en moeder op zolder zet, met een keukenblokje en een douchecabine, zodat je toch een beetje op jezelf kan zijn. Ik vrees dat je dan kansloos bent en dat, zoals gewoonlijk, Jan met de pet ook weer Jan met de korte achternaam zal blijken te zijn.

Ik weet niet hoe het u vergaat maar ik pik dit niet meer. Sodemieter op overheid met je gewroet en je gewantrouw, je leugens en je participatieflauwekul. Het is hier verdomme Sing Sing niet. Eerste Kamer, doe je werk.

vrijdag 14 februari 2014

Stem lokaal! (of gewoon niet)

AbvaKaboFNV publiceerde vandaag een onderzoek naar de kwaliteit van de organisatie van de thuiszorg door 44 verantwoordelijke wethouders (van zes gemeenten waren niet alle gegevens voorhanden). De kwaliteit werd getoetst aan zaken die voor de zorgmedewerkers en voor de cliënten van belang zijn. U vindt het onderzoek onderaan deze blog. Het onderzoek onderstreept iets interessants over de relatie tussen landelijke partijen en plaatselijke resultaten: die is er niet. Maar eerst de uitslag.

Bij iedere gemeente werden naam en politieke partij van de verantwoordelijke wethouder vermeld. Het leek me aardig om daar een teamwedstrijd van te maken. Dit werd de uitslag (tussen haakjes het aantal wethouders; partijen die maar één wethouder leverden staan onderaan).

D66 21,5 (4)
Lokaal 20 (3)
SP 18,7 (3)
PvdA 16,5 (13)
VVD 16 (2)
CDA 14,9 (9)
GroenLinks 14 (7)
OPA 21 (1)
SGP 21 (1)
Christen Unie 13 (1)

Hier valt u vast wel vanalles aan op, de nummer 1 bijvoorbeeld, en de posities van CDA en GroenLinks zijn opmerkelijk te noemen.

Wat u niet aan dit lijstje kunt aflezen, maar wel uit het onderzoek kunt halen, is dat er bij de partijen met veel wethouders, namelijk PvdA, CDA en GroenLinks, enorme lokale verschillen zijn geconstateerd. De beste verantwoordelijke PvdA-wethouder scoort 23, de slechtste 8. Bij het CDA zijn de cijfers 24 respectievelijk 2 en bij GroenLinks 21 en 2. Ook de SP, met 3 wethouders, scoort wisselend, met 26 en 13. Van de landelijke partijen scoort alleen D66 enigszins consistent met 27/18, maar dat zijn maar 4 wethouders, en je kunt ook wel een betere krijgen dan 18 voor hetzelfde geld.

Kortom. Als u gaat stemmen, stem dan lokaal. Niet persé een lokale partij, maar overtuig u van de kwaliteiten van uw plaatselijke kandidaten voor de gemeenteraad. Sla in het geheel geen acht op de rozen die Diederik Samsom u wil slijten, of de gloedvolle inspirerende toespraak van Bram van Ojik, misschien proberen ze u wel een 2 aan te smeren. Sluit lokale partijen niet bij voorbaat uit; dit onderzoek geeft daar geen reden toe.

Het is verder wat mij betreft bijzonder merkwaardig dat u uw gemeenteraadsleden mag kiezen, en straks ook uw burgemeester, maar niet uw verantwoordelijke wethouder, die in feite de spil van het beleid is. De wethouder wordt voorgedragen als het accoord in kannen en kruiken is, hoeft niet op de kandidatenlijst gestaan te hebben en kan zomaar iemand van de andere kant van het land zijn waar u nog nooit van gehoord hebt. Sinds 2002 is dat zo, en het is wat mij betreft een regeling die niet voor de volle 100% een verbetering is.
Als u stemt, stemt u dus ook voor een groot gedeelte op het voorstellingsvermogen dat u heeft van de kwaliteit van uw kandidaat om de juiste wethouder te selecteren, en dan kan het ook nog gebeuren dat het landelijk bureau uw lievelingsfractie iemand in de maag splitst, zodat zij al vanaf dag 1 achter de feiten aanholt. Als u dat niks vindt zult u op een lokale partij moeten stemmen, mits voorradig en van voldoende niveau.

Zelf ga ik niet stemmen. Dat heb ik altijd wel gedaan. Ik heb mijn huiswerk gedaan, ik heb een jaar via live televisie de gemeenteraadsvergaderingen gevolgd, en mijn kandidaten zijn al weg of stoppen ermee. Verder heeft de Utrechtse gemeenteraad de gewoonte om, als zij al weigert om zich als stemvee te laten gebruiken, dit te doen als de rit al gelopen is, met als gevolg wethouders wien de stoom uit de oren komt, niet geheel onterecht, of het verzet wordt ingegeven door naderende verkiezingen, waar je dan als kiezer weer een beetje misselijk van wordt. En tot slot, ik stem uitsluitend voor de gemeenteraad, die een groot deel van de tijd achter de feiten aanholt, over de uiteindelijke bestuurders heb ik niets te zeggen, en dat bevalt me voor geen meter.

Wethouders en thuiszorg: het onderzoek van AbvaKabo

Ook wethouder moet keuze maken - door Juliën van Ostaaijen