Pagina's

dinsdag 22 april 2014

Het is hier verdomme Sing Sing niet

Mantelzorgboete. Driehonderd euro van je AOW af als je bij je kinderen gaat wonen. Maar wat heet bij je kinderen wonen?
Een vriend van ons kocht jaren geleden een huis op het platteland, samen met zijn moeder. De garage (met vliering) werd verbouwd tot een zelfstandige wooneenheid. Woonkamer, keuken, badkamer, slaapkamer en eigen voordeur. Ze zagen geen reden om de binnendeur dicht te metselen, maar ieder leidde zijn/haar eigen leven. Moeder paste weleens op de hond, zoon zorgde dat het autootje rijklaar was. Ze aten apart, uitzonderingen daargelaten. En ze klopten, voor ze de binnendeur doorgingen.

Gaat er nu binnenkort 300 euro van moeders AOW af? Ik zou zeggen van niet, maar niemand schijnt het te weten. Ik zou zeggen dat beiden een zelfstandige woning hebben en een zelfstandige huishouding voeren. Als je dit als één huishouding ziet en moeder derhalve 300 euro kort op haar AOW moeten ze dan voortaan dus maar dezelfde krant lezen, het telefoonnummer delen, samen tv kijken? Ja, dat zal wel moeten, want geld voor een afzonderlijke huishouding heeft moeder niet meer. Is dat de bedoeling?

Stel dat het goed gaat. Stel dat de voordeuren worden geaccepteerd voor wat ze zijn: twee aparte voordeuren met twee aparte levens erachter. Steunend en kreunend wordt het gedoogd. Maar er ontstaat een probleempje in de loop der jaren. Moeder gaat dementeren. Of breekt een heup. Of is wegens algeheel gevorderde leeftijd in het algemeen eigenlijk niet meer in staat om een zelfstandige huishouding te voeren. En zoon moet meer en meer inspringen. En stel de AOW komt daar achter. Door een onaangekondigd huisbezoek misschien. Of doordat zoon zich genoodzaakt ziet extra hulp in te schakelen. Kan niet natuurlijk. Je zult met man en macht iedereen buiten de deur moeten zien te houden want anders gaat het heul veul geld kosten. Dat weet de overheid ook wel, dus er zal gecontroleerd worden. Jaarlijks? Maandelijks? Wat staat ze te wachten? Klingeling ik kom even de was controleren & wat doen die onderbroeken daar bij mekaar in de trommel, mag ik even zien wat u eet & wat doen die aardappelen bij mekaar in de pan, en by the way heeft u nog wel twee omroepgidsen?

Stel je moeder woont niet naast je maar er zit een huis tussen. Maar jij slaapt daar 's-nachts, om en om met je broers en zussen, omdat moeder niet meer alleen kan zijn. Of ze eet elke dag bij jou, omdat ze het anders vergeet.
Voert deze moeder wel een eigen huishouding? Waarom dan? Omdat er een huis tussen zit? Of ook dan niet? En als moeder om de hoek woont? In de volgende straat dan? En mag je dan haar was doen? Hoe vaak mag ze komen eten? Mag er wel iemand slapen? Zo ja hoe vaak? Waar ligt de grens? En hoe controleren we dat? Met nachtelijke invallen? Met camera's op de waslijn?

En dan nog eens wat. Stel dat je geen geld hebt om een vleugel te verbouwen, of zelfs een bungalow in de tuin te zetten, een huisnummer aan te vragen, en al die dingen die mensen met een beetje geld nog kunnen bedenken om de dans misschien te ontspringen. Wat als je maar gewoon een rijtjeshuis hebt en moeder op zolder zet, met een keukenblokje en een douchecabine, zodat je toch een beetje op jezelf kan zijn. Ik vrees dat je dan kansloos bent en dat, zoals gewoonlijk, Jan met de pet ook weer Jan met de korte achternaam zal blijken te zijn.

Ik weet niet hoe het u vergaat maar ik pik dit niet meer. Sodemieter op overheid met je gewroet en je gewantrouw, je leugens en je participatieflauwekul. Het is hier verdomme Sing Sing niet. Eerste Kamer, doe je werk.

vrijdag 14 februari 2014

Stem lokaal! (of gewoon niet)

AbvaKaboFNV publiceerde vandaag een onderzoek naar de kwaliteit van de organisatie van de thuiszorg door 44 verantwoordelijke wethouders (van zes gemeenten waren niet alle gegevens voorhanden). De kwaliteit werd getoetst aan zaken die voor de zorgmedewerkers en voor de cliënten van belang zijn. U vindt het onderzoek onderaan deze blog. Het onderzoek onderstreept iets interessants over de relatie tussen landelijke partijen en plaatselijke resultaten: die is er niet. Maar eerst de uitslag.

Bij iedere gemeente werden naam en politieke partij van de verantwoordelijke wethouder vermeld. Het leek me aardig om daar een teamwedstrijd van te maken. Dit werd de uitslag (tussen haakjes het aantal wethouders; partijen die maar één wethouder leverden staan onderaan).

D66 21,5 (4)
Lokaal 20 (3)
SP 18,7 (3)
PvdA 16,5 (13)
VVD 16 (2)
CDA 14,9 (9)
GroenLinks 14 (7)
OPA 21 (1)
SGP 21 (1)
Christen Unie 13 (1)

Hier valt u vast wel vanalles aan op, de nummer 1 bijvoorbeeld, en de posities van CDA en GroenLinks zijn opmerkelijk te noemen.

Wat u niet aan dit lijstje kunt aflezen, maar wel uit het onderzoek kunt halen, is dat er bij de partijen met veel wethouders, namelijk PvdA, CDA en GroenLinks, enorme lokale verschillen zijn geconstateerd. De beste verantwoordelijke PvdA-wethouder scoort 23, de slechtste 8. Bij het CDA zijn de cijfers 24 respectievelijk 2 en bij GroenLinks 21 en 2. Ook de SP, met 3 wethouders, scoort wisselend, met 26 en 13. Van de landelijke partijen scoort alleen D66 enigszins consistent met 27/18, maar dat zijn maar 4 wethouders, en je kunt ook wel een betere krijgen dan 18 voor hetzelfde geld.

Kortom. Als u gaat stemmen, stem dan lokaal. Niet persé een lokale partij, maar overtuig u van de kwaliteiten van uw plaatselijke kandidaten voor de gemeenteraad. Sla in het geheel geen acht op de rozen die Diederik Samsom u wil slijten, of de gloedvolle inspirerende toespraak van Bram van Ojik, misschien proberen ze u wel een 2 aan te smeren. Sluit lokale partijen niet bij voorbaat uit; dit onderzoek geeft daar geen reden toe.

Het is verder wat mij betreft bijzonder merkwaardig dat u uw gemeenteraadsleden mag kiezen, en straks ook uw burgemeester, maar niet uw verantwoordelijke wethouder, die in feite de spil van het beleid is. De wethouder wordt voorgedragen als het accoord in kannen en kruiken is, hoeft niet op de kandidatenlijst gestaan te hebben en kan zomaar iemand van de andere kant van het land zijn waar u nog nooit van gehoord hebt. Sinds 2002 is dat zo, en het is wat mij betreft een regeling die niet voor de volle 100% een verbetering is.
Als u stemt, stemt u dus ook voor een groot gedeelte op het voorstellingsvermogen dat u heeft van de kwaliteit van uw kandidaat om de juiste wethouder te selecteren, en dan kan het ook nog gebeuren dat het landelijk bureau uw lievelingsfractie iemand in de maag splitst, zodat zij al vanaf dag 1 achter de feiten aanholt. Als u dat niks vindt zult u op een lokale partij moeten stemmen, mits voorradig en van voldoende niveau.

Zelf ga ik niet stemmen. Dat heb ik altijd wel gedaan. Ik heb mijn huiswerk gedaan, ik heb een jaar via live televisie de gemeenteraadsvergaderingen gevolgd, en mijn kandidaten zijn al weg of stoppen ermee. Verder heeft de Utrechtse gemeenteraad de gewoonte om, als zij al weigert om zich als stemvee te laten gebruiken, dit te doen als de rit al gelopen is, met als gevolg wethouders wien de stoom uit de oren komt, niet geheel onterecht, of het verzet wordt ingegeven door naderende verkiezingen, waar je dan als kiezer weer een beetje misselijk van wordt. En tot slot, ik stem uitsluitend voor de gemeenteraad, die een groot deel van de tijd achter de feiten aanholt, over de uiteindelijke bestuurders heb ik niets te zeggen, en dat bevalt me voor geen meter.

Wethouders en thuiszorg: het onderzoek van AbvaKabo

Ook wethouder moet keuze maken - door Juliën van Ostaaijen

dinsdag 4 februari 2014

Kees

Toen ik Kees voor het eerst zag dacht ik hemeltje. Het was op een bridgeclub. Ik was nieuw. Kees was broodmager en leed af en toe aan verminderde zelfzorg. Dan had hij een vlassig baardje en zelfs zonder dat baardje leek hij sprekend op Catweazle maar mét baardje helemaal, dus. Laten we het er maar op houden dat Kees opviel als je voor het eerst op de club kwam.

Kees zat in de bijstand. Kees had een probleem met alcohol. Kees had zijn studie niet afgemaakt. Kees was verliefd op een getrouwde vrouw, en de man van die vrouw was rijk. Dat was ongeveer de situatie toen ik Kees leerde kennen.
Ik was zelf ook niet helemaal lekker in die dagen en Kees wist dat. Ik zat eens aan de bar en jawel, paniekaanval. Zo uit de lucht. " 't Gaat niet goed geloof ik hè" zei Kees droog. "Nee", zei ik, want eenlettergrepige woorden gingen altijd nog prima. "Ik zie het. Biertje?" zei Kees. "Graag", en terwijl we zwijgend naast elkaar zaten met onze biertjes voor ons voelde ik de paniek wegebben.
Kees was dus aardig. Erg aardig zelfs, op een bescheiden manier. Ik raakte gesteld op Kees, op dezelfde bescheiden manier, en soms bridgden we samen, in de zomer, of op een kroegendrive. Voor de gezelligheid.

Zomin als Kees zich met mijn problemen bemoeide, zomin deed ik dat met de zijne. Ik raapte hem zwijgend van de straat als hij strontlazarus van de fiets donderde en zei niets van het gebroken brillenglas waar hij maanden mee doorliep.
Anderen waren daar wat sturender in. Als het gebrek aan verzorging groteske vormen aan begon te nemen was er altijd wel iemand die hem mee naar huis nam, hem in bad stopte, zijn haren knipte en zijn kleren waste. Daarna verscheen Kees onherkenbaar verzorgd op de bridgeclub, maar dat was altijd maar tijdelijk.

Er kwam een bijstands-veegactie. De ene na de andere werkloze bridger ging aan het werk, in een Melkertbaan, als conciërge bij een school, als manusje-van-alles bij een buurthuis. Zo niet Kees. Kees was onbemiddelbaar. Ik denk dat Kees in een apart bakje terecht was gekomen waarop stond: mee leren leven.

Ik moest aan Kees denken toen ik hoorde dat het er definief van gaat komen, de tegenprestatie. Ik kan u precies vertellen hoe het met Kees zou zijn afgelopen. Kees zou niet presentabel bevonden zijn, Kees zou een strafkorting van 3 maanden hebben gekregen, Kees zou van zijn studentenkamertje afgegooid zijn en Kees zou gestopt zijn met de bridgeclub die zijn sociale omgeving en zijn mantelzorger was. Maar Kees is dood, nog geen vijftig is Kees geworden, en dat is maar goed ook zei ik tegen man, "het is maar goed dat Kees dat niet meer mee hoeft te maken want dat was niks geworden", zo zei ik het.

Er zijn veel Kezen. Achtergebleven na de laatste veegactie en als droesem naar de bodems van de bakjes gezakt. Er zijn natuurlijk niet alleen Kezen. Er zijn vast wel weer mensen bijgekomen, Wimmen en Klazen en Samira's en Moestafa's enzo die wel kunnen werken, maar als die eenmaal zover zijn dan zijn er geen banen en dat is weer een ander chapiter. Hoe dan ook, ik betaal voor ze en ik wens dat ze met rust worden gelaten, vooral de Kezen, waar u niet jaloers op hoeft te zijn en die als Kees heel veel waarde voor hun medemens kunnen hebben, al is het niet mogelijk om dat in verdienvermogen uit te drukken.

woensdag 29 januari 2014

Allemaal in je blootje: de PvdA als crypto-naturistenpartij

Staatssecretaris Jetta Klijnsma van de PvdA heeft met de bijstand de volgende plannen:
  • Een verplichte wachttijd van 4 weken, om er zeker van te zijn dat u de bijstandsperiode met een flinke schuld begint, of uw potje voor onvoorziene uitgaven dadelijk al kwijt bent. Nog even en u loopt in uw blootje omdat u geen kleding meer kunt betalen (de eerste kledingbank is overigens al gesignaleerd).
  • Regels met betrekking tot het uiterlijk: niet presentabel = 3 maanden verplichte strafinhouding, om er zeker van te zijn dat u daarna helemaal geen kleding meer kunt betalen, en zelfs uw huis al bent uitgezet, zodat het wassen van de bestaande kleding ook een probleem wordt en voor u het weet loopt u in uw blootje.
  • Verplichte tegenprestatie: werken bij een commercieel bedrijf met behoud van uitkering, bijvoorbeeld de kerstpost sorteren bij PostNL, om er zeker van te zijn dat de betreffende banen vervallen. Hopelijk wordt er bij de poort degelijke en deugdzame werkkleding verstrekt, het wil nog weleens tochtig zijn in die hallen.
  • Geen Nederlands spreken? Geen bijstand. Enfin, het fraaiste Nederlands leer je op straat en vooral als je in je blootje loopt.
De plannen gaan waarschijnlijk niet door. De gemeenten willen het niet. De gemeenten/gemeentelijke sociale diensten willen dat zelf kunnen bepalen. Het kabinet zegt dat er over te praten valt.
Nu komen de gemeenteraadsverkiezingen. U weet in ieder geval wat de PvdA wil. U moet dat even niet vergeten. Ook als het kabinet bovenstaande regels niet dwingend oplegt weet u heel goed wat de PvdA wil, de PvdA heeft zichzelf gelukkig ook in zijn blootje gezet, en U moet dus geen PvdA stemmen, en al helemaal niet voor de gemeenteraad, want de gemeente gaat straks zelf de sancties bepalen, en met een grote PvdA in uw gemeenteraad en college weet u alvast de uitkomst.

(tenzij de locale bestuurders een andere mening hebben, maar ja, dan kun je de volgende logische stap in je carrière natuurlijk wel vergeten, dus dat gaat niet gebeuren, hoezeer ze u ook van het tegendeel proberen te overtuigen, luister niet, houd uw handen tegen uw oren, stop er Ohropax in, het is niet waar).

Verzorgd uit de bijstand: een rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau. Wijst onder meer op het grote aantal vooronderstellingen dat bij bovenstaand beleid wordt gehanteerd.